JO7 - Circuit 11

Ontdekken van lichaam en bal en daarmee gericht handelen

Voorbereiding

Noteer de afmetingen van de veldjes en maak groepen van minimaal 6 spelers. Na een centraal eindsignaal, draaien alle groepen met de klok mee naar de volgende oefening.

Oefening 1 - 15 min 2 tegen 2 met 2 kleine doeltjes

Trainer: Yodit

  • Lengte: 20/30 meter
  • Breedte: 10/15 meter
  • Beide teams kunnen scoren op een klein doel
  • Als de bal uit is, indribbelen
  • Bij een achterbal of hoekschop indribbelen
  • 4 voetballen
  • 12 pilonnen
  • 2 mini doelen van 3 bij 1 meter
  • 4 blauwe hesjes, 4 oranje hesjes, 0 lichtblauwe hesjes
 

 

Oefening 2 - 15 min Poortschietspel met variabele afstand

 

Trainer: Arie-Jan

  • Lengte: 20 meter
  • Breedte: 10/12 meter
  • Beide spelers kunnen scoren door tussen de pionnen te passen
  • Wanneer je drie punten gescoord hebt vanaf de drie meter lijn, ga je naar de volgende lijn (vijf meter).
  • Wanneer je hier ook weer drie punten hebt gescoord ga je naar de kampioenslijn
  • Wie het eerst drie punten heeft vanaf de kampioenslijn (zeven meter) heeft gewonnen
  • Wanneer je twee keer achter elkaar de pion mist ga je een lijn dichterbij
  • 4 voetballen4
  • 18 pilonnen18
  • 4 blauwe hesjes, 4 oranje hesjes, 0 lichtblauwe hesjes8
  • 5 gele hoedjes, 0 oranje hoedjes, 0 witte hesjes5

 

Oefening 3 - 15 min Krokodillenspel

Trainer: Armand

  • Lengte: 30 meter
  • Breedte: 20 meter
  • De spelers proberen, dribbelend met een bal, vanuit hun pion naar het middelste vak (de vijver) te dribbelen en terug
  • De speler(s) in het vak (krokodil) probeert de bal uit het vak (vijver) te houden door deze af te pakken of weg te tikken
  • Als de bal aangeraakt is, ga je eerst terug naar de pion waar je begonnen bent
  • Als de speler het lukt om terug te keren in het vak, zonder dat de bal door de krokodil aangeraakt is, mag hij een hoedje op zijn pion leggen
  • De speler die als eerste vijf hoedjes op de pion heeft, is de winnaar
  • 5 voetballen5
  • 9 pilonnen9
  • 1 blauw hesje, 0 oranje hesjes, 0 lichtblauwe hesjes1

 

Oefening 4 - 15 min Dribbel/mikspel

Trainer: Dennis

 

Doel

Positiespel in opbouw verbeteren

Afmetingen

Lengte: 15/20 meter
Breedte: 10/12 meter
Tussen de lijn en het doel: 8 - 10 - 12 meter

Spelregels

Spelers kunnen scoren door de bal stil te leggen op 8 meter van het doel en te scoren
Lukt dit 2x achter elkaar dan gaan ze naar de volgende lijn
De speler die als eerste 3x scoort vanaf de kampioenslijn is de winnaar
Wordt 2x achter elkaar van een bepaalde lijn gemist dan ga je weer een lijn dichter naar het doel toe
Doelpunten tellen alleen wanneer de speler via het ‘slootje’ terugdribbelt naar de beginpositie
Spelers om beurten laten keepen – keeper krijgt punten voor elke gestopte bal – wie is de master keeper?

Makkelijker of moeilijker maken

Aanvallen moeilijker maken:
Afstand naar het doel groter maken (10 - 12 - 15 meter)
Schieten van een rollende bal
Schuin schieten, vanaf links of rechts van het doel
Schieten met het 'verkeerde' been

Aanvallen makkelijker maken: Afstand naar het doel kleiner maken (6 - 8 - 10 meter)

Bedoeling van deze oefening

Door middel van dribbelen in kansrijke positie komen

Hoe?

Raak de bal zo vaak dat je hem in looptempo in de goede richting mee kan nemen
Laat de bal niet wegspringen
Buig je bovenlichaam iets over de bal heen

Hoe ziet deze oefening eruit?